Door: Michelle van Benschop

06 februari 2019


Foto: www.zus.cc

Superlocal, Biosintrum en Hoogwatergeul Veessen winnen Nederlandse Bouwprijs 2019


Superlocal, Biosintrum en Hoogwatergeul Veessen winnen dit jaar de Nederlandse Bouwprijs. ‘Deze innovatieve bouwinitiatieven verdienen de aandacht van de meest prestigieuze prijs in de bouwsector’ aldus Maarten van Hezik, voorzitter van Stichting de Nederlandse bouwprijs.


Afgelopen maandag 4 febuari werd de prijs tijdens de bouwbeurs in Utrecht uitgereikt. Bovendien werd de aanmoedigingsprijs ‘Talent met Toekomst’ uitgedeeld. Deze ging naar Saartje van der Made.

Superlocal: Super Circular Estate

Superlocal wint met het circulaire gebiedsontwikkelingsproject in Kerkrade de prijs voor bouwmaterialen en -systemen. Dit project onderzoekt de mogelijkheid om met lokaal bestaand materiaal, namelijk voormalige galerijflats in Blijerheide, circa 125 nieuwe sociale huurwoningen te realiseren. Louise Vet, voorzitter van de jury, prijst in het jurycommentaar het experiment waarbij sprake is van een uitzonderlijke hoge mate van hergebruik. ‘Hier is sprake van meer dan alleen bouwmaterialen hergebruiken. De sociale aspecten, de innovatieve samenwerking, de gedeelde verantwoordelijkheden en de klankbordgroep is indrukwekkend te noemen en daarmee een sprekend voorbeeld voor de sector dat navolging verdient.’

Voorbeeldwoning Superlocalproject. Bron: Aldo Allessie

Biosintrum: kloppend hart van de biobased economy

Biosintrum won de categorie ‘gebouwen’. Biosintrum is een kenniscentrum in de gemeente Ooststellingwerf. Het gebouw bestaat voor meer dan 80% uit biobased materialen, zo is er in de wanden denim uit oude spijkerbroeken verwerkt en zijn de vloeren gemaakt van maroleum uit cacaoschillen. Het kennis- en innovatiecentrum, met zijn iconische vorm, moet dienstdoen als het bruisende hart van het zogenoemde Ecomunitypark in de gemeente en is energieneutraal. ‘Dit is een voorbeeldproject van een integrale aanpak van biobased materialen, circulair bouwen én waar bovendien de totale groene inpassing in het ontwerp is meegenomen’, aldus Vet. Heel inspirerend vindt de jury het betrekken van de eindgebruikers bij het ontwerp en de bouw van het gebouw.

Ontwerp Biosintrum. Bron: www.biosintrum.nl

Hoogwatergeul Veessen: nieuw ‘Deltawerk’

Zone Urbaines Sensibles (ZUS) wint met de ontwikkeling van een hoogwatergeul van 8 kilometer lang tussen Veessen en Wapenveld de prijs in de categorie ‘civiele kunstwerken’. De geul werd in het kader van Ruimte voor de Rivier gerealiseerd en is volgens ZUS een van de grootste en meest effectieve projecten binnen het programma. In plaats van het water binnen de bestaande dijken te houden, geeft de geul bij extreem hoogwater ruimte aan de IJssel. De jury is lovend over de bescheiden uitstraling van het project, ondanks de enorme ingreep. Daarnaast prijst Vet de samenwerking tussen het interdisciplinaire team van (landschaps)architecten en ingenieurs: ‘Er is sprake van een prachtig staaltje Hollandse delta met veiligheid binnen een integrale gebiedsaanpak, er geldt 1 + 1 = 3; iedere betrokkene in de omgeving gaat erop vooruit!’.

Hoogwatergeul Veessen. Bron: www.zus.cc

Saartje van der Made: Talent met toekomst

Van der Made, werknemer bij Benthem Crouwel Architects, won de aanmoedigingsprijs. Als assistent ontwerper werkte ze intensief mee aan het project Noord/Zuidlijn, de nieuwe metrolijn in Amsterdam. ‘Van der Made ontwierp voor alle metrostations visueel uitdagende ontwerpen. Het resultaat is hoogwaardige architectuur met duidelijke en herkenbare beeldtaal, die tevens effectief en functioneel is’ aldus Benthem Crouwel Architects.

Eens in de twee jaar rijkt de voorzitter van de Nederlandse bouwprijs, dit jaar Louise Vet, de prijs uit. Stichting ‘De Nederlandse Bouwprijs' stimuleert innovatieve ontwikkelingen in de bouw, deze zijn namelijk hard nodig. ‘De bouwnijverheid is volop in beweging. De maatschappij stelt kritische eisen aan de sector die vragen om slagvaardigheid op het gebied van energiezuinigheid en grondstoffen (her)gebruik op weg naar een circulaire economie’, stelt Maarten van Hezik.