Door: Sven Ringelberg

13 mei 2020



Hoe de coronacrisis de energietransitie kan maken of breken


Duurzame ambities krijgen door corona flinke tikken. Overheden, bedrijven en activisten vrezen dat we de energietransitie op de tweede plaats zetten. Aardgasvrije projecten worden vertraagd en tegelijkertijd pleiten veel economen voor ‘groen herstel’. Is het dan allemaal ‘doom and gloom’ of biedt deze crisis kansen voor het klimaat? Sven Ringelberg geeft zijn beschouwing.


De waarheid is dat duurzame projecten het zwaar gaan krijgen en zullen vertragen. Ook al komt alle economische steun van de wereld met duurzame provisies, dit lijkt mij een gegeven. Welvaart en verduurzaming hangen namelijk samen, net als consumentenvertrouwen en bestedingen. Het is niet populair om te zeggen, maar een toename aan welvaart geeft mensen juist de mogelijkheid om te verduurzamen, niet het beperken van deze groei. Net als in afgelopen crises gaan we een slechter investeringsklimaat, lagere energieprijzen en vertragingen van projecten zien. De grote vraag is hoe diep deze recessie zal zijn. Je hebt degenen die geloven in het V-herstel: snel herstel na een harde klap. Daarnaast is er het U-herstel: een langere periode van economische recessie. De helft van de bedrijven in de duurzame branche verwacht inmiddels een daling van de omzet in 2020.

 

Vooral op de woningmarkt en in de gebouwde omgeving kan de klap hard aankomen. Prijsdalingen in het vastgoed zien we vaak pas een aantal jaren na de klap, uitstel van renovatieprojecten en investeringen door consumenten zijn sneller zichtbaar. Zo neemt de vraag naar warmtepompen al af en kunnen we een periode van krimp tegemoetzien. Voor nieuwbouw ontstaat mogelijk eenzelfde trend. Bij bijna iedere economische crisis is een terugval van het aantal nieuwbouwwoningen te zien. Dit zou voor Nederland op lange termijn problemen opleveren, we moeten nu al zeker 100.000 woningen per jaar bijbouwen om ook maar eens kans te hebben ooit aan de vraag te voldoen. En wat gebeurt er bij minder aanbod van woningen en hoge vraag? Juist, hogere prijzen waardoor minder vermogen overblijft om te investeren in je eigen huis.

Flatten the CO2-curve

Is hier iets aan te doen en zijn er kansen te benoemen? Jazeker. Wat alle steunpakketten aan bedrijven en burgers wel kunnen veroorzaken, is het afvlakken van de CO2-curve. Het is bijna normaal te noemen dat na een periode van economische neergang de CO2-emissies hoger dan ooit omhoogschieten en een nieuwe top bereiken vlak vóór een nieuwe economische recessie.

De oproep van economen is helder: als we alleen geld steken in de traditionele economie, dan zetten we ons vast in een fossiel systeem waar we nauwelijks uit kunnen ontsnappen. Het gevolg is een 3,7 graden-economie, met gigantische negatieve gevolgen voor de mensheid. Op dit moment is 92 procent van de steunpakketmaatregelen ‘kleurloos’; ze geven geen prioriteit aan energietransitie. Logisch, want de eerste focus ligt op economisch herstel en het behoud van banen. Onder diverse beleidsadviseurs en belangengroepen wordt druk gebrainstormd over hoe om te gaan met deze economische crisis en herstelmaatregelen. Het anticyclisch uit de Keynesiaanse economie krijgt weer volop de aandacht. De rol van de Rijksoverheid hierbij is groot, door met investeringen werkgelegenheid te behouden.

Ik moet zeggen dat ik niet per se fan ben van deze economische theorie, want hoe effectief zijn overheidsuitgaven als de economie zelf stilligt nou echt en waar komt dit geld vandaan? Van de productieve economie, lijkt mij. Toch lijkt deze keuze gemaakt te zijn om de coronacrisis de bestrijden. Als we dan toch een regierol aan de Rijksoverheid geven, laten we het dan slim doen. Volgens de Universiteit van Oxford zijn vooral infrastructuurprojecten, renovatie van bestaande gebouwen, het opleiden van personeel en onderzoek naar nieuwe technologieën kansrijke maatregelen. Een praktijkvoorbeeld dat mij interesseert is Denemarken, dat na de oliecrisis van de jaren ‘70 geïnvesteerd heeft in lokale warmtenetten en duurzame energie. Het land is nu marktleider in zowel wind- als warmte-technologieën.

Kansen voor Nederland

Wat betekent dit voor Nederland en welke kansen passen bij ons? Het voordeel van Nederland is dat alles vrij helder is georganiseerd, met een aantal grote partijen die stappen kunnen zetten. Denk hierbij aan de netbeheerders, de Rijksoverheid en woningcorporaties. Vooral die woningcorporaties bieden een unieke Nederlandse kans, 30 procent van de woningen is in bezit van partijen die ver vooruitkijken en verduurzaming serieus nemen. De Rijksoverheid moet dan wel de verhuurdersheffing loslaten en nieuwbouw stimuleren, ook voor de middenhuur. Laten we eerlijk zijn, de woningmarkt is niet af en vergt nieuwe creativiteit. Hierbij is mogelijk een bredere rol weggelegd voor de corporaties. En als we dan toch bezig zijn met de woningvoorraad: iets doen aan de versnippering van eigendom is dan noodzakelijk, ook bij VvE’s. Schaal maken op basis van woningtypologieën lijkt op afstand logisch, totdat je de organisatievormen ziet.

Natuur & Milieu heeft al een voorzet gedaan hoe tot een duurzaam investeringspakket te komen. Dit pakket bestaat uit drie fasen: steun, stimulering en systeemmaatregelen. Voor de bouw zou dat er als volgt uitzien:

Landelijke regie, lokale uitvoering

Los van alle nieuwe projecten, versnellingen en subsidies moeten we terug naar de basis. Een economische crisis biedt ook kansen onze aanpak te evalueren. Een harde blik op de verduurzaming van de gebouwde omgeving en aardgasvrije projecten laat zien dat het een circus van pilots en onduidelijkheden is. De houdbaarheid en noodzaak van veel van deze pilots mag best ter discussie gesteld worden. Meer regie en kaders vanuit de Rijksoverheid kunnen helpen om tot meer uitvoering en projecten in gemeenten te komen, maar dat vereist ook duidelijke prioriteiten vanuit deze partijen. Misschien krijgen we het wel voor elkaar om met minder middelen meer te gaan doen voor het klimaat.

Meer lezen van Sven Ringelberg? Lees dan zijn andere artikelen op stadszaken.nl of bezoek zijn website Transitiepaden.