Circulaire economie en energietransitie


De energietransitie begint vorm te krijgen. In Nederland wordt steeds meer energie duurzaam opgewekt. De energietransitie gaat echter ook over een afname van gebruik van energie. Bij circulair bouwen is het uitganspunt dat materialen hergebruikt kunnen worden en dat er dus geen materialen of processen verspild worden. Door recycling en hergebruik van grondstoffen, materialen en producten, wordt uitstoot bij het maken van nieuwe lineaire producten vermeden. Dit bespaart energie. Daarnaast wordt door het product niet na één keer gebruik af te breken, de energie die nodig is om het materiaal af te breken bespaard.

Zowel het energieakkoord als het programma Nederland Circulair zetten in op het verminderen van de milieudruk in de productketen. Het uitgangspunt is echter verschillend. Circulaire Economie doet dat door recycling, hergebruik en vervanging van fossiele grondstoffen door biobased grondstoffen. Binnen het energieakkoord wordt ingezet op de vermindering van het gebruik van fossiele brandstoffen en indien mogelijk deze te vervangen door duurzame en hernieuwbare energiedragers. Het gevolg van beide bewegingen is echter wel gelijk: terugdringen van de emissie van broeikasgassen. Daarnaast focust het energieakkoord op de directe emissies die ontstaan bij de opwekking van energie voor de productie of het gebruik van een product. In een circulaire economie is er inzicht in de gehele keten van een product. Dit maakt het mogelijk om ook de indirecte emissies van een product inzichtelijk te maken.

Bij het recyclen kan ook energiebesparing bewerkstelligd worden. Hiervoor is echter wel innovatie nodig om de bestaande processen aan te passen. Veel van de bekeken processen, zoals die van papier, glas en verschillende metalen, opereren al op of nabij het maximaal haalbare recyclingpercentage. Zonder innovatie bij deze partijen zal dus weinig energiewinst te behalen zijn.